Mathijs Johannes Curvers 1795-1830

Mathijs (Mathias) Johannes Curvers (Vd), (Zoon van Henricus Curvers (IVc) en Anna Maria Gransier.) gedoopt te Neeritter op 24 februari 1795, overleden te Echt op 25 oktober 1830. Gehuwd met (Anna) Maria Elisabeth Swiljens (Swillens) (27 april 1791-15 juni 1834). Uit dit huwelijk worden vier kinderen geboren.

Mathias koopt 26 maart 1828 van Joannes Vos, winkelier te Echt:

1. een kamer, een klein kamertje, een gebond, schuur en ½ boomgaard op het Aasterberg [1], samen groot omtrent 7 roeden, 35 ellen vierkant. Palende de straat en Gertrudis Vos en Jozeph Wagemans. Een hoofd de gemeente het ander de Kaenjelbeek.

2. een stukje moeshof met bakhuis op het Aasterberg voormeld, groot 3 roeden, 15 ellen vierkant. Palende Peter Renier Leijendeckers en Gertrudis Vos.

De transactie wordt aangegaan voor de som van f.138,–.[2]  Mathias woont zelf ook op het Aasterberg in de gemeente Echt.

Op verzoek van Jan op de Coul, wonenende te Berkelaar en Mathias Curvers, wonende op het Aasterberg, beide landbouwers wordt op 27 mei 1829 publiek huisraad etc. verkocht met een totale opbrengst van f 86,87.[3] Niet duidelijk is wiens huisraad dit betreft en wat de rede voor deze verkoop is.

Zowel Mathias als Anna Maria sterven heel jong. Mathias is pas 35 jaar oud als hij in 1830 sterft. Anna Maria huwt in 1832 nog met Joannes van der Vorst maar sterft kort daarna in 1834. Haar oudste zoon is dan 11 jaar oud. Als voogd voor de kinderen wordt Peter Kanters, akkerman en timmerman uit Echt aangewezen. Hem zien we terug in een akte van 17 augustus 1848[4]:

a) Peter Henricus Kurvers, akkerknecht wonende te Echt,

b) Peter Kanters, akkerman-timmerman wonende op het Aasterberg, als voogd over Jan Hubert Kurvers, Theodorus Kurvers en Johanna Maria Kurvers zijnde de drie minderjarige kinderen van wijlen Mathijs Kurvers en Elisabeth Swillens en

c) Hendrik Kurvers, winkelier wonende te Neeritter

gaan over tot de publieke verkoop van een perceel heide te Echt op de Kuiperbosch, sectie F. nr. 1040, groot 73 roeden, 30 ellen vierkant. Palende Joseph Wagemans en Gerard Janssen. Een hoofd grenzend aan Jan Stelten het ander de weg. De opbrengst bedraagt 70,84 gulden.

In tegenstelling tot wat de akte stelt is Jan Hubert Kurvers wel reeds meerderjarig.

Wie bedoeld wordt met de derde comparant, Hendrik Kurvers, winkelier uit Neeritter is niet duidelijk. De enige Hendrik Curvers die rond deze tijd in Neeritter woont is een volle neef van de kinderen uit dit gezin. Bij de aangifte van het vierde kind van deze Hendrik Curvers (VIb), gehuwd met Maria Donders, wordt als diens beroep inderdaad winkelier aangegeven.

Een volgende akte over dit gezin komt uit 1853 [5]. Op 7 juli van dat jaar wordt op verzoek van Theodoor Kurvers, dienstknecht wonende op het Aasterberg en Jan Kurvers (Zie VId), eveneens dienstknecht maar wonende te Stevensweert, publiek verkocht veldvruchten en bomen op het Aasterberg voor een totale opbrengst van 111 gulden. Mogelijk betreft het hier de gewassen toebehorende aan hun broer Peter Henricus die ruim een maand daarvoor, op 2 juni, gestorven is. Anna Maria stierf al eerder in 1849.

In een laatste akte [6] verkopen de broers Theodoor en Jan Hubert een perceel bouwland op het Bosserveld te Maasbracht, groot 43 roeden en 10 ellen, aan Martinus Leijendeckers en Peter Sangers voor een bedrag van 400 gulden.

 


[1] Een klein buurtschap aan de westkant van de plaats Echt.

[2] Regionaal Historisch Centrum Limburg (RHCL) Maastricht, archief notariaat J. Reijnen, aktenummer 64, 26 maart 1828.

[3] RHCL, archief notariaat J. Reijnen, aktenummer 116, 27 mei 1829.

[4] RHCL, archief notariaat J. Reijnen, aktenummer 150, 17 augustus 1848.

[5] RHCL, archief notariaat J. Reijnen, aktenummer 118, 7 juli 1853.

[6] RHCL, archief notariaat J. Reijnen, aktenummer 150, 11 september 1858.